Skip to Content

Thursday, September 19th, 2019

Filipijns president schiet met scherp –op de Verenigde Staten

Closed
by October 23, 2016 General

President Duterte ging de voorbije week op bezoek in Beijing. In de Grote Hal van het Volk kondigde hij de militaire, ideologische en economische scheiding met de Verenigde Staten aan. Als wederdienst werden er tijdens zijn bezoek voor 13 miljard dollar contracten afgesloten, waaronder 6 miljard voor zachte leningen; en werden er dertien overeenkomsten ondertekend om de samenwerking tussen de twee landen snel en breed uit te breiden.

Over de Spratley-eilanden in de Zuid-Chinese Zee zou tijdens het bezoek niet gesproken worden, kondigde de minister van Buitenlandse Zaken vooraf aan. In werkelijkheid lag het dossier wel degelijk op tafel, maar werd er nog geen overeenkomst gevonden. Dat belette de Chinese president Xi Jinping niet om het bezoek grensverleggend te noemen. En dat is een understatement.

Amerikaanse vrienden, laten we scheiden

In de westerse media was er de voorbije maanden vooral aandacht voor de manier waarop Rodrigo Duterte zich vloekend door de internationale politiek beweegt, met brutale beledigingen voor de paus en de president van de Verenigde Staten als dieptepunten.

Maar tijdens zijn nog korte periode aan de macht in Manilla vroeg Duterte ook al de terugtrekking van Amerikaanse Special Forces uit Mindanao, het grote zuidelijke eiland waar verschillende islamitische opstandelingenlegers actief zijn, waaronder de extremistische Abu Sayyaf. Hij kondigde ook het einde aan van gezamenlijke militaire manoeuvres en een herziening van verdragen die de toegang van de Amerikaanse vloot tot Filipijnse havens regelt. Zijn radicale uitspraken in Beijing waren dus niet echt een donderslag bij heldere hemel, toch waren ze een blikseminslag op een onwankelbaar geacht bondgenootschap.

De aankondiging dat de Filipijnen zich zouden afkeren van de VS en in de plaats daarvan een strategisch bondgenootschap aangaan met China –en Rusland, voegde Duterte er nog aan toe-  lijkt op dit moment in grote mate een persoonlijk initiatief van de president.

Er is weinig kans dat er binnen de legertop –die al meer dan een eeuw naar Amerikaanse methodes en inzicht getraind en georganiseerd wordt- draagvlak is voor een echte en blijvende breuk met Washington. Hetzelfde geldt trouwens voor de politieke en juridische elites in de Filipijnen. Dat betekent dat er wellicht weinig tot geen institutionele verandering plaatsgevonden heeft of zelfs voorbereid wordt.

Een signaal daarvoor was de afwezigheid in Beijing van Fidel Ramos, voormalig generaal én voormalig president van de Filipijnen, die door Duterte benoemd werd tot speciaal raadgever voor relaties met China. De reden daarvoor is wellicht de veel te lange en veel te nauwe relaties die Ramos heeft met de VS. Hij werd generaal onder Ferdinand Marcos, maar koos in 1986 voor de People Power revolutie. Hij speelde een belangrijke rol onder president Cory Aquino en volgde haar ook op. Gedurende al die tijd was Ramos een betrouwbare partner voor de Verenigde Staten.

Warm en koud, maar toch vooral warm

Na zijn terugkeer in verduidelijkte president Duterte op een persconferentie in de zuidelijke stad Davao trouwens dat hij niet meteen alle banden met Washington wil doorknippen. Diplomatieke banden wil hij niet afbreken omdat dat ingaat tegen de belangen van (meer dan 2,6 miljoen) Filipino’s in de VS, en dat hij de militaire verdragen pas zal opzeggen na overleg met de legertop.

Tegelijk herhaalde hij uitdrukkelijk dat hij een breuk wil met het verleden waarin ‘de VS de richting aangeven en wij volgen. Ik zal niet volgen’, aldus Duterte. En op de vraag of Amerikaanse bedrijven die kantoorwerk of call-centerwerk outsourcen naar de Filipijnen (en waar meer dan een miljoen Filipino’s werken) zich zorgen moeten maken over zijn aankondiging van een economische scheiding, antwoordde de president dat hij ‘zich zorgen maakt over het feit dat die bedrijven niet uit eigen wil zullen vertrekken, dat we ze zullen moeten buitenzetten’.

Al bij al dus eerder een bevestiging van de aangekondigde geopolitieke wending dan een afzwakking, alleen de militairen moesten blijkbaar een beetje gesust worden.

Pivot tegen pivot

Vanuit de Verenigde Staten komen tot nu vooral diplomatieke reacties. John Kirby, woordvoerder van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken zei: ‘We weten niet wat hij juist bedoelt  en wat de consequenties zijn.’ Maar één zaak zullen ze in Washington intussen wel heel goed begrepen hebben, namelijk dat Rodrigo Duterte zijn eigen “pivot to Asia” nastreeft.

De “pivot to Asia” was een van de grote strategische bewegingen die de Amerikaanse president Obama beloofde te realiseren, om de Amerikaanse greep op de Stille Oceaan en de strategische zeevaartroutes richting Indische Oceaan voor de toekomst te verzekeren. Door de onoverzichtelijke nasleep van de Bush&Blair-oorlogen in het Midden-Oosten heeft Obama nooit echt werk kunnen maken van die draaibeweging richting Azië. Intussen heeft China zich wel verder opgewerkt tot mondiale economische speler en dus zeker tot regionale grootmacht. Die macht uit China onder andere door zijn aanspraak op de hele Zuid-Chinese Zee, tegen de concurrerende aanspraken van de Filipijnen, Vietnam, Maleisië, Brunei en Taiwan.

In juli deed het Internationaal Gerechtshof in Den Haag nog een uitspraak over een zaak die door de Filipijnse overheid, met juridische steun van de VS, over de Spratley Eilanden aanhanging gemaakt was. Die uitspraak gaf de Filipijnen over de hele lijn gelijk, maar in plaats van een grote viering te organiseren, temperde president Duterte het westerse enthousiasme meteen. Dat was een voorafschaduwing van zijn eigen “pivot” naar China, weg van de Verenigde Staten die de Filipijnse archipel in 1899 koloniseerden en ook na de onafhankelijkheid in 1946 bleven domineren.

In 1991 stemde de Filipijnse Senaat voor de beëindiging van de huurcontracten van twee enorme Amerikaanse militaire basissen –Clark Air Base en Subic Bay. Na 11 september 2001 begonnen de Amerikaanse militairen terug te keren in het kader van de War on Terror, en de vorige regering in Manilla wou onder andere Subic Bay opnieuw veel meer gebruiken als een plek van waar de Amerikaanse vloot kon opereren en dus ook de Filipijnen beschermen tegen de toenemende Chinese druk op de Zuid-Chinese Zee. De hernieuwde militaire samenwerking dreigt nu dus bruusk te stoppen.

Daarmee steekt Duterte meteen een dikke stok in de wielen van de volgende president van de Verenigde Staten. Indien dat Hillary Clinton wordt, zal zij de “pivot to Asia” zeker kracht willen bijzetten. Centraal in de Amerikaanse strategie voor het indijken van de Chinese invloed op Azië en de wereld, is de “eerste eilandengordel” waartoe Japan, Taiwan en de Filipijnen behoren. Indien de Filipijnen uit die strategische gordel wegvallen, of minstens een neutralere positie innemen waardoor ze zowel met de VS en China militaire, politieke en economische banden nastreven, wordt het hele Amerikaanse concept op de schop genomen.

De kwestie van de Spratley of Kalayaan Eilanden wordt wellicht een centrale kwestie in Duterte’s “pivot to China”. Het Filipijnse Hooggerechtshof heeft al laten weten dat een eventuele overeenkomst waarbij Duterte de Filipijnse soevereiniteit over de eilanden en hun territoriale wateren zou afstaan aan China, aanleiding zou vormen tot een afzettingsprocedure. Het zou trouwens ook ingaan tegen een uitdrukkelijke verkiezingsbelofte die Duterte begin dit jaar deed, waarin hij beloofde dat hij nog liever zijn eigen leven zou opgeven dan de Filipijnse aanspraak op de Spratleys.

Moorden voor de “goede zaak”

Een ander kwetsbaar punt voor de Filipijnse president is zijn mensenrechtenrapport. De brutale oorlog tegen drugs, met standrechtelijke executies die niet alleen gedoogd, maar zelfs aangemoedigd worden door het hoogste staatsgezag, is sinds het aantreden van Duterte hét onderwerp van de westerse berichtgeving en van de westerse politieke standpunten. Dat er reden is tot internationale bezorgdheid, blijkt uit de cijfers die meestal geciteerd worden: sinds de eedaflegging in juni zouden er minstens drieduizend doden gevallen zijn bij anti-drugsgeweld door geregelde en ongeregelde ordetroepen. Dat cijfer circuleert echter al van in augustus en wordt ook in oktober nog gebruikt, wat er vooral op wijst dat er weinig transparantie is en dat de omvang van de moorddadige campagne moeilijk in exacte cijfers te vatten valt.

Duterte is niet de eerste regeringsleider in Zuidoost-Azië die voor een gewapend beleid kiest tegenover de plaag van drugsgebruik en –economie. Ook Thaksin Shinawatra, de voormalige premier van Thailand, probeerde deze aanpak uit begin van de jaren 2000. Er vielen meer dan tweeduizend doden, maar de drugseconomie werd nauwelijks geraakt.

Los van oorlog tegen drugs, heeft de regering Duterte op sociaal vlak wel een erg beloftevolle start genomen, maar dat krijgt nauwelijks aandacht in de internationale media. Dat betekent echter niet dat de activisten, die in de Filipijnen vaak gezien worden als het “parlement-van-de-straat” allemaal achter de beenharde aanpak van Duterte staan.

Tijdens een interview dat we een week geleden hadden met drie inheemse activistes uit Mindanao en Luzon, stelde Rhoda Dalang, directrice van het Cordillera Indigenous Peoples Legal Center, dat zij, als mensenrechtenactivisten, heel erg bezorgd waren over de cultuur van geweld en straffeloosheid die momenteel geïnstalleerd werd in de Filipijnen. ‘Vandaag zijn het de drugsgebruikers en –handelaars, maar morgen kunnen wij even goed het slachtoffer worden van dezelfde gewapende aanpak’, zei Dalang.

Dollars ruilen voor yuan

In de Amerikaanse media, daarin gevolgd door de meeste westerse media, wordt de geopolitieke bocht van Duterte “onverklaarbaar” en “onbegrijpelijk” genoemd. Daarbij wordt verwezen naar de decennialange “vriendschap” tussen beide landen, de diepe economische banden en de bereidheid van de VS om de Filipijnen militair te ondersteunen tegen de maritieme territoriumaanspraken van China. Max Boot schrijft in Foreign Policy dat de Filipijnen opgeteld 42,7 procent van zijn export realiseert met de VS en de westerse bondgenoten Japan en Singapore, terwijl slechts 22,4 procent richting China en Hongkong gaat.

Elders wordt er op gewezen dat de Filipijnen, als gevolg van de onwrikbare band met de VS en het dispuut over de Spratleys, helemaal buiten de enorme investeringsstroom vanuit Beijing dreigen te vallen. Duterte en zijn adviseurs maken misschien wel een –letterlijk- zeer berekende gok, waarbij ze de gulle hegemoon van de twintigste eeuw willen ruilen voor de Aziatische hegemoon van de 21ste eeuw –in de hoop daarbij niet alleen veel vers geld, maar ook meer politieke manoeuvreerruimte mee te winnen. 

Previous
Next